Rik Baars schreef:
Dit is precies wat die Vancleave verkondigd: je moet met kleine (hoog en/of zacht) en grote (laag en/of hard) lipopening studeren.
ik vind dat je hierbij moet zeggen dat het wel de bedoeling is om altijd te proberen om met een zo klein mogelijke opening te spelen. Voor lage en harde noten is de opening idd iets groter dan voor hoge en zachte noten, maar je bericht roept bij mij het gevoel op dat je voor lage noten je embouchure onbeperkt ver open zou kunnen zetten, wat m.i. niet juist is.
Immers als je laag met een te grote opening speelt zonder de noten te blazen (dwz geen emboucurespanning, dus grote opening) ga je duwen. Op dat moment kun je dus niet meer geblazen uitkomen op een hogere noot. je gaat dan alleen nog maar meer duwen om het gaatje kleiner te maken. Wil je van een geduwde hogere noot weer naar beneden lukt dat niet. Je kan je opening niet groter maken omdat je niet van de druk van het mondstuk af komt die het gaatje dichtdrukt, die druk blijft en kan alleen maar groter worden. Op dat moment zul je dus je embouchure opnieuw op moeten zetten om van die druk af te komen en de juiste (grotere) opening te krijgen.